Hoe maak ik een automatische handeling met triggers in Assu®?

Ontdek alles wat je wilt weten over Assu® in deze handleiding (versie 05022026)

Hoe maak ik een automatische handeling met triggers in Assu®?

Het is in Assu® mogelijk om automatische handelingen aan te maken. Hierdoor gaat het systeem op een door jou aangegeven moment automatisch een bepaalde actie uitvoeren. 

Bijvoorbeeld een e-mail verzenden op het moment dat het woonadres van een relatie gewijzigd wordt.

 

De theorie

In het tabblad “Onderhoud” vind je de knop “Automatische handelingen”:

Een automatische handeling bestaat uit twee delen:

1: De trigger: De trigger is hetgene wat moet gebeuren om de actie te starten. Bijvoorbeeld: het invoeren van een schade. Of het verwijderen van een relatie.

2: De handeling: De handeling geeft aan wat het systeem gaat doen op het moment dat de actie uitgevoerd wordt. Denk hierbij aan een e-mail sturen, een taak aanmaken of een agendapunt inschieten.

 

image-20240816-123522.png
Automatische handelingen

Stap 1: Een trigger aanleggen

Als je een automatische handeling aan gaat leggen start je altijd eerst met de trigger. Assu® moet tenslotte weten WAT er moet gebeuren om de activiteit te laten starten.

Klik hiervoor op "Trigger toevoegen" in het lint van je scherm. Je geeft zo aan bij welke wijziging er iets moet gebeuren.

 

Bijvoorbeeld: Bij het invoeren van een relatie van het soort “Klant” moet er iets gaan gebeuren:

image-20240816-123735.png

Triggers voor automatische handelingen:

We hebben verschillende trigger types in Assu® voor je beschikbaar zodat je een ruim assortiment hebt aan mogelijkheden

Product:

Wanneer gaat de trigger af:

Abonnement:

Bij historisch maken

Abonnement:

Bij invoer

Agenda afspraak:

Bij het aanmaken

Agenda afspraak:

Bij het verwijderen

Agenda afspraak:

Bij het muteren van datum, locatie, uitvoerder of onderwerp

Aplaza berichten:

Bij verwerking van de brief betaalachterstand

Bancair product:

Bij historisch maken

Bancair product:

Bij invoer

Brief opslaan:

Bij gebruik van een bepaald briefsjabloon tijdens opslaan van een brief

Collectiviteit:

Bij historisch maken

Collectiviteit:

Bij invoer

Collectiviteit:

Bij mutatie

Document:

Bij toevoegen

E-mail verzenden:

Bij gebruik van een bepaald sjabloon

Factuur:

Bij handmatig invoeren

Factuur:

Bij wachtcode wijzigen

Feniks / interne boekhoudkoppeling:

Bij storneren van een factuur (per factuur)*

Financiering:

Bij historisch maken

Financiering:

Bij invoer

Herinneringen:

Bij factuur retour maatschappij

Herinneringen:

Bij verzenden van de aanmaning

Herinneringen:

Bij verzenden van de eerste herinnering

Hypotheek:

Bij historisch maken

Hypotheek:

Bij inlezen HDN

Hypotheek:

Bij invoer

Hypotheek:

Bij mutatie in het hypotheek fase traject

Interne boekhoudkoppeling:

Bij storneren van 1 of meerdere facturen (per relatie)*

Keuringsrapport - bij invoer:

Bij het invoeren van een keuringsrapport op een opstal polis. Je kunt zelf het type keuringsrapport selecteren als je keuringsrapporttypes hebt aangelegd in je stamtabellen.

De actie kan bijvoorbeeld een workflow zijn. We hebben hier onder een voorbeeld voor je uitgewerkt. Klik hier voor het voorbeeld.

Keuringsrapport - bij mutatie:

Bij het muteren van een keuringsrapport op een opstal polis. Je kunt zelf het type keuringsrapport selecteren als je keuringsrapporttypes hebt aangelegd in je stamtabellen.

Klantmutatie - Bij accepteren:

Bij het accepteren van een klantmutatie.

Klantmutatie - Bij afkeuren:

Bij het afkeuren van een klantmutatie.

Notitie:

Bij invoer

Polis:

Bij historisch maken

Polis:

Bij invoer

Polis:

Bij mutatie

Polis:

Bij mutatie wanneer de polis in behandeling is

Polis:

Bij mutatie wanneer de polis in offerte is

Polis:

Bij opschorting

Polis:

Bij verwerking van een mutatie via ADN

Polis:

Bij verwerking van een contract via ADN

Polis:

Je kunt ook een bepaalde subbranche aangeven. Dit werkt bij “bij invoer” en “bij historisch maken”.

Relatie:

Bij historisch maken

Relatie:

Bij invoer

Relatie:

Bij mutatie. Hier heb je de keuze uit een groot aantal specifieke wijzigingsredenen die de trigger activeren bij het invullen van het veld "Wijzigingsreden" op de relatiekaart.

Relatie:

Bij overlijden

Relatie:

Bij starten van een AWI transactie

Relatie:

Bij wijzigen burgerlijke staat

Relatie:

Bij wijziging van primaire bankrekening

Relatie:

Bij wijziging van een adres dat niet primair is

Relatie:

Bij wijziging van het communicatieprofiel

Relatie:

Bij wijziging van het primaire adres

Relatie:

Bij wijziging van het primaire e-mail adres

Relatie:

Bij wijziging van soort naar klant (voor als je bijvoorbeeld een prospect omzet naar klant)

Schade:

Bij aflegging

Schade:

Bij invoer

Schade:

Bij mutatie (voor als bijvoorbeeld de TP status gewijzigd wordt)

Taak:

Bij afwikkelen

Taak:

Bij invoer

Deze handleiding is geldig voor Assu® versie 1.2635 en ouder. Werk je met een oudere versie? Dan kan het zijn dat er afwijkende screenshots in staan.

We hopen dat de informatie in deze handleiding duidelijk voor je is. Zo niet aarzel dan niet om contact met ons op te nemen via A.i. Servicedesk